NISPA

Nijmegen Institute for Scientist-Practitioners in Addiction

GHB-monitor 2.0

Vraag en doelstelling
Het project GHB 2.0 bouwt voort op de eerdere GHB monitor van het NISPA. Een belangrijke bevinding van het eerste onderzoek was de hoge terugval onder GHB verslaafde patiënten: tweederde binnen drie maanden na het einde van detoxificatie. GHB 2.0 richt zich daarom specifiek op terugval en het vinden van aanknopingspunten om de terugval te verminderen. Eén van de belangrijkste onderdelen is de behandeling met baclofen na detoxificatie. Van dit medicijn wordt onderzocht of het GHB verslaafden kan helpen (langer) abstinent te blijven.
De doelen van het project zijn: de biopsychosociale interventies die worden gebruikt in de behandeling van GHB verslaafden in kaart brengen, de belemmerende en bevorderende factoren voor de uitvoering van terugvalmanagement identificeren, mogelijke voorspellers voor de behandeluitkomst te onderzoeken en de implementatie en add-on effect van baclofen te evalueren.

Opzet
Het design van GHB monitor 2.0 betreft een multicentre observationele prospectieve cohort studie. Hierbij wordt de gebruikelijke opnameprocedure gevolgd binnen de verslavingszorg, waaronder inschrijving, intakegesprek en medische screening door een arts. Bij de patiënt worden vragenlijsten afgenomen op verschillende momenten; twee weken voor opname (baseline), op de opnamedag, tijdens de opname, op de ontslagdag en drie maanden na afronding van de detoxificatie. Voor patiënten die deelnemen aan de baclofenpilot is er een tweede follow-up meting, zes maanden na detoxificatie. Er wordt informatie verzameld over middelengebruik, psychische klachten, persoonlijkheid, kwaliteit van leven, slaapproblemen, cognitief vermogen, onthoudingsklachten, vervolgbehandeling, medicatiegebruik en bijwerkingen van baclofen.
Het vastleggen van informatie gebeurd middels een Case Record Form, alle formulieren worden hierbij afgenomen via het web-based programma BergOp of daarin op een later tijdstip ingevoerd.

Conclusies en aanbevelingen
De belangrijkste bevindingen waren dat in de NISPA GHB Monitor 2.0 wederom hoge terugvalpercentages werden gevonden. De belangrijkste factor die samenhing met terugval in GHB gebruik in deze monitor waren persisterende cognitieve stoornissen na de detoxificatie. Het GHB gebruikspatroon hing niet samen met terugval. Psychiatrische co-morbiditeit was weliswaar frequent, maar niet veel hoger dan bij patiënten opgenomen ter detoxificatie van andere middelen, en deze hing ook niet samen met terugval. De vervolgbehandeling na GHB detoxificatie bestond doorgaans uit een combinatie van farmacologische, psychotherapeutische en sociaalmaatschappelijke interventies. De farmacologische interventies bestonden vooral uit antidepressiva, anxiolytica en baclofen; de psychotherapeutische voornamelijk uit cognitieve gedragstherapie. Daarnaast was er veel aandacht voor de frequente sociaal maatschappelijke problemen. Een van de belangrijkste knelpunten in de vervolgbehandeling was de snelle uitval uit de behandeling en terugval in GHB gebruik. Hierdoor bleek het vaak niet mogelijk om tot goede diagnostiek en indicatiestelling te komen. In de NISPA GHB monitor 2.0 vonden we tenslotte aanwijzingen dat toevoeging van baclofen aan de gebruikelijke behandeling mogelijk leidt tot een beter behandelresultaat.  Concluderend kan gesteld worden dat de GHB afhankelijkheid in Nederland nog altijd een hardnekkig probleem is, dat moeilijk behandelbaar is. Weliswaar verloopt de detoxificatie doorgaans ongecompliceerd, maar vervolgbehandeling na de detoxificatie komt moeizaam tot stand. Hierdoor blijven de terugval percentages hoog. Aandacht voor de deels persisterende cognitieve stoornissen onder GHB afhankelijke patiënten, het belang daarvan voor terugval en mogelijke aanpassingen van het zorgaanbod daarop is aangewezen. Tevens zal toekomstig onderzoek moeten aantonen of baclofen daadwerkelijk van toegevoegde waarde voor de behandeling van patiënten met GHB afhankelijkheid.

Looptijd
2013-2016

Opdrachtgever
De stichting Resultaten Scoren met subsidie van het ministerie van VWS.

In samenwerking met
VNN, Tactus, IrisZorg, Victas, Novadic-Kentron en Mondriaan

Onderzoeksteam NISPA
Harmen Beurmanjer (projectcoördinator, Novadic-Kentron)
Cor Verbrugge (projectmanager, Novadic-Kentron)
Rama Kamal (arts onderzoeker, Novadic-Kentron)
Boukje Dijkstra (algemeen directeur NISPA en wetenschappelijk projectleider)
Arnt Schellekens (senior arts onderzoeker, Radboud UMC, wetenschappelijk directeur NISPA)
Cor de Jong (NISPA)

Rapporten aanvragen