NISPA

Nijmegen Institute for Scientist-Practitioners in Addiction

Ontwikkeling uitvoeringsprotocol voor de behandeling van opiaatafhankelijkheid

Vraag  en doelstelling
Voor de uitvoering en organisatie van de behandeling van opiaatverslaving zijn verschillende richtlijnen en handboeken relevant:

  • De Multidisciplinaire richtlijn (MDR) opiaatverslaving (NVvP en CCBH, 2013)
  • De Richtlijn Opiaatonderhoudsbehandeling (RIOB) (GGZ Nederland, 2005; Loth e.a., 2012)
  • De Manual onderzoek heroïne op medisch voorschrift (CCBH/Kendle, 2000) en het
  • Handboek Behandeling met Heroïne op Medisch Voorschrift – veldnormen (ofwel handboek Medische Uitgifte Heroïne, MHU) (laatste versie: 2011)
  • De Richtlijn Detox (De Jong e.a., 2004; herziene versie medio 2016 gereed)

De Zorgstandaard Opiaten (ZS Opiaten) geeft op basis van deze documenten en andere relevante kennisdocumenten een overzicht van de benodigde zorginhoud, het zorgproces en de organisatie bij een opiaatverslaving.
De bestaande documenten vullen elkaar aan, overlappen elkaar, maar spreken elkaar ook soms tegen. In de zorgpraktijk is daarom behoefte aan een overkoepelend eenduidig document. Het doel van dit project is de ontwikkeling van een uitvoeringsprotocol voor de zorg aan patiënten met een opioïdeverslaving door de bestaande RIOB en Manual / Handboek heroïne op medisch voorschrift te integreren en daar waar mogelijk is te verwijzen naar de MDR opiaatverslaving en Richtlijn detox.

Opzet
De bestaande teksten worden ‘afgeslankt’, aangepast en geïntegreerd. Daarnaast wordt afgestemd met de Zorgstandaard Opiaatverslaving en andere relevante kwaliteitsstandaarden. De concepttekst wordt vervolgens voorgelegd aan Resultaten Scoren en relevante stakeholders uit het veld. Op basis van een praktijkinventarisatie wordt een overzicht van knelpunten/vragen gemaakt. De aangepaste tekst zal uiteindelijk digitaal worden opgeleverd.

Resultaten
Het project heeft geleid tot een concept-uitvoeringsprotocol voor de zorg aan patiënten met opioïdenafhankelijkheid. Het uitvoeringsprotocol is inhoudelijk niet geactualiseerd, maar verwijst daar waar wenselijk en mogelijk is naar actuele richtlijnen.

Conclusies en aanbevelingen
Het project heeft een onderzoeksagenda opgeleverd met belangrijke aandachtsgebieden waarop het concept-uitvoeringsprotocol geactualiseerd dient te worden. Dit project heeft geleid tot een vervolgproject, zie de doorontwikkeling van het uitvoeringsprotocol voor de zorg aan patienten met opioidenafhankelijkheid.

Looptijd
2016 – 2017

Opdrachtgever
Resultaten Scoren

In samenwerking met
IVO

Onderzoeksteam
Boukje Dijkstra, directeur en onderzoeker NISPA
Kathelijne van der Horst, verpleegkundig specialist Tactus
Elske Wits, onderzoekscoördinator IVO
Barbara van Straaten, onderzoekscoördinator IVO
Hein de Haan, geneesheerdirecteur Tactus
Silvia Nijenhuis, inter-institutionele audits IrisZorg